MFZ Ovitor CS 300 Manual de usuario

Bedieningshandleiding CS 300-besturing NL
Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6 – 1


NL
Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6 – 3
Instructies voor het gebruik
−Onbevoegde personen (vooral kinderen) niet met vaste
gemonteerde regel- of besturingsapparatuur laten spelen.
−Afstandsbedieningen buiten het bereik van kinderen
houden.
Keuringsprincipes en voorschriften
Bij aansluiting, programmering en onderhoud moeten de
volgende voorschriften in acht worden genomen (zonder
aanspraak op volledigheid).
Bouwproductnormen
−EN 13241-1 (Producten zonder brand- of rookwerende
eigenschappen)
−EN 12445 (Gebruiksveiligheid van aangedreven deuren -
Beproevingsmethoden)
−EN 12453 (Gebruiksveiligheid van aangedreven deuren -
Eisen)
−EN 12978 (Veiligheidsvoorzieningen voor
automatisch werkende deuren en hekken - Eisen en
beproevingsmethoden)
EMC
−EN 55014-1 (Emissienorm huishoudelijke apparaten)
−EN 61000-3-2 (Limietwaarden voor de emissie van
harmonische stromen)
−EN 610000-3-3 (Limietwaarden voor spanningswisselingen,
spanningsschommelingen)
−DIN EN 61000-6-2 (Elektromagnetische compatibiliteit
(EMC) - Deel 6-2: Algemene normen - Immuniteit voor
industriële omgevingen)
−EN 61000-6-3 (Elektromagnetische compatibiliteit (EMC)
- Deel 6-3: Algemene normen - Emissienormen voor
huishoudelijke, handels- en lichtindustriële omgevingen)
Machinerichtlijnen
−EN 60204-1 (Veiligheid van machines - Elektrische
uitrusting van machines; Deel 1: Algemene eisen)
−EN ISO 12100 (Veiligheid van machines - Algemene
ontwerpbeginselen - Risicobeoordeling en risicoreductie)
3. Algemene veiligheidsinstructies
GEVAAR!
Levensgevaar door het niet opvolgen van de
documentatie!
Neem alle veiligheidsinstructies in dit document in acht.
Garantie
De garantie op goede werking en veiligheid geldt alleen
wanneer de waarschuwingen en veiligheidsinstructies in deze
bedieningshandleiding worden opgevolgd.
Voor persoonlijk letsel en materiële schade als gevolg van het
niet opvolgen van waarschuwingen en veiligheidsinstructies,
aanvaardt de fabrikant geen verantwoordelijkheid.
Voor schade veroorzaakt door het gebruik van niet-
goedgekeurde onderdelen en accessoires, is elke
aansprakelijkheid en garantie door de fabrikant uitgesloten.
Juist gebruik
De CS 300-besturing is uitsluitend bedoeld voor het regelen
van deursystemen met aandrijvingen met een elektronische
eindpositiesysteem (AWG).
Doelgroep
Alleen bevoegde en gediplomeerde elektromonteurs mogen
de besturing aansluiten, programmeren en onderhouden.
Bevoegde en geschoolde elektromonteurs voldoen aan de
volgende eisen:
− Kennisvandealgemeneenspeciekeveiligheids-en
ongevallenpreventie voorschriften,
−Kennis van de relevante elektrische voorschriften,
−Training in het gebruik en onderhoud van geschikte
veiligheidsuitrusting,
−ze zijn in staat om gevaren in samenhang met elektriciteit
te onderkennen.
Instructies bij montage en aansluiting
−De besturing is volgens aansluitingswijze X geplaatst.
−Voorafgaande aan werkzaamheden aan de elektriciteit,
moet het systeem worden losgekoppeld van de
stroomvoorziening. Tijdens de werkzaamheden moet ook
worden gezorgd dat de stroomvoorziening onderbroken
blijft.
−De plaatselijke veiligheidsbepalingen moeten worden
opgevolgd.
−Veranderingen aan en vervanging van de stroomkabel
moeten met de fabrikant worden afgestemd.

4 – Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6
4.1 Varianten
De volgende leveringsvarianten van de CS 300-besturing zijn
mogelijk:
−CS 300-besturing met LCD-monitor
−CS 300-besturing met LCD-monitor in de behuizing
−CS 300-besturing met ledmodule voor het instellen van de
eindpositie OPEN en de eindpositie DICHT
(Andere instellingen zijn niet mogelijk)
−CS 300-besturing zonder ledmodule en zonder LCD-scherm
(module of monitor zijn vereist voor instellingen)
Alle genoemde varianten kunnen worden uitgerust met een
verwderbareweekschakelklokofeeninsteekbareradio-
ontvanger.
De volgende leveringsvarianten van de behuizing zijn
mogelijk:
−Behuizing met 3-voudige drukknop CS
−Behuizing met 3-voudige drukknop KDT
−Behuizing met sleutelschakelaar AAN/UIT
−Behuizing met hoofdschakelaar
−Behuizing met noodstop
De bedieningshandleiding beschrijft de aansluitmogelijkheden
en programmering van de varianten:
−CS 300-besturing met aangesloten ledmonitor
−CS 300-besturing met aangesloten LCD-monitor
−Softwareversie 5.6 B
Laagspanning
−DIN EN 60335-1 (Huishoudelijke en soortgelijke elektrische
toestellen - Veiligheid - Deel 1: Algemene eisen)
−DIN EN 60335-2-103 (Huishoudelijke en soortgelijke
elektrische toestellen - Veiligheid - Deel 2-103: Bijzondere
eisen voor poorten, deuren en ramen)
Comité voor arbeidsplaatsen (ASTA)
−ASR A1.7 (Technische regels voor arbeidsplaatsen / Duitse
richtlijn voor aangedreven ramen, deuren en poorten)
4. ProductoverzichtAlgemene veiligheidsinstructies

NL
Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6 – 5
4.2 Moederbord CS 300
(met opgestoken LCD-monitor)
Verklaring:
X1: Klemmenstrip netaansluiting
X2: Klemmenstrip motor
X3: Klemmenstrip commando-apparaten
X4: Klemmenstrip veiligheidselementen
X5: Klemmenstrip relais
X6: Aansluitstrip voor interne AAN-UIT-schakelaar
X7: Aansluitstrip voor interne 3-voudige drukknop
X8: Aansluitstrip
(Onder de LCD-monitor)
X9: Aansluitstrip voor radio-ontvanger
X10: Aansluitstrip voor weekschakelklok
X11: Aansluitstrip voor digitaal eindpositiesysteem
X12: Stekkeraansluiting voor externe radio-ontvanger
X13: Aansluitstrip voor 3-voudige CS-drukknop
H4: Statusweergave veiligheidscontactlijst (Groen)
Licht op bij functionerende veiligheidscontactlijst
H6: Statusweergave veiligheidscircuit (geel)
Licht op bij gesloten veiligheidscircuit
S1: Programmeertoets (+)
(Op de LCD-monitor)
S2: Programmeertoets (–)
(Op de LCD-monitor)
S3: Programmeertoets (P)
(Op de LCD-monitor)
1
2
3
4
5
6
7
8
B1
B2
W
V
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
N
L3
L2
L1
X5
X4
X3
X2
X11
X7
X6
X12
PE
PE
PE
X1
X10
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
X8
X9
H4
X13
H6
U
X14
X14 X14
400 V 230 V
+ – P
A
A
A De positie van de overbruggingsstekker moeten
worden aangepast aan de voedingsspanning en de
motorspanning.

6 – Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6
5. Ingebruikname
5.1 Algemeen
Vooreenonberispelkewerkingmoetaandevolgende
voorwaardenznvoldaan:
−De deur is gemonteerd en klaar voor gebruik.
−De tandwielvertragingsmotor is gemonteerd en klaar voor
gebruik.
− Decommando-enveiligheidsapparatenzngemonteerden
klaar voor gebruik.
−De besturingsbehuizing met de CS 300-besturing is
gemonteerd.
INFORMATIE
Voor de montage van de deur, de aandrijfmotor en
de commando- en veiligheidsapparaten moeten de
handleidingen van de betreffende fabrikant in acht worden
genomen.
5.2 Netaansluiting
Vereisten
Voorhetonberispelkfunctionerenvandebesturingmoet
aandevolgendevoorwaardenznvoldaan:
−De netspanning moet overeenkomen met de aanduiding op
het typeplaatje.
− Denetspanningmoetmetdespanningvandeaandrving
overeenstemmen.
− Bdraaistroommoetereenrechtsdraaienddraaiveldzn.
−Voor een vaste aansluiting moet een meerpolige
hoofdschakelaar worden gebruikt.
− Bkrachtstroomaansluitingmogenalleen
3-blokszekeringautomaten (10 A) worden gebruikt.
ATTENTIE!
Storingen als gevolg van onjuiste installatie van de
besturing!
Voorafgaande aan het voor de eerste keer inschakelen
moet na voltooiing de bekabeling worden gecontroleerd, of
alle motoraansluitingen aan besturings- en motorzijde goed
vast zitten. Alle stuurspanningsingangen zijn galvanisch
gescheiden van de voeding.
Gedetailleerd schakelschema netaansluiting en
motor (400 V / 3-fasen)
X14
Gedetailleerd schakelschema netaansluiting en
motor (230 V / 3-fasen)
X14
Gedetailleerd schakelschema netaansluiting en
motor (230 V / 1-fasen)
X14

NL
Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6 – 7
Verklaring:
M1: Motor
X1: Klemmenstrip netaansluiting
X2: Klemmenstrip motor
X11: Aansluitstrip voor digitaal eindpositiesysteem met
veiligheidscircuit (STOPKETEN)
X14: Klemmenstrip voor spanningsselectie
Aansluiting:
Digitaal eindpositiesysteem op de besturing aansluiten.
Besturing op de motor aansluiten.
Besturing op het elektriciteitsnet aansluiten.
Kabelgroepen moeten direct vóór de desbetreffende klem
met een kabelbinder worden geborgd.
Ô„11.Technischespecicaties“oppagina28
5.3 Aansluitschema absolute waardegever
(aansluitstrip X11)
A
B
A: AWG-stekker
B: AWG-steekklem
Aansluitstrip X11 (op aansluiting A)
Degetallenopdestekkerzntegelkertd
de adernummers:
4: Veiligheidsketen ingang
5: RS 485 B
6: GND
7: RS485 A
8: Veiligheidsketen uitgang
9: 12V DC
Aansluitstrip B (alleen absolute waardegever)
C D
C: Thermo-element in
aandrving
D: Noodhandbediening
(noodzwengel of
noodketting)

8 – Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6
5.4 Aansluiting commando-apparaten
VOORZICHTIG!
Kans op letsel door ongecontroleerde beweging
van de deur!
Installeer commando-apparaten voor de
dodemansbediening binnen het directe zicht van de deur,
maar buiten de gevarenzone voor de bediener.
Als het commando-apparaat geen sleutelschakelaar is:
Monteer e.e.a. op een hoogte van ten minste 1,5 m.
Monteer e.e.a buiten het bereik van het publiek.
Klemmenstrip X3
- Drukknop DICHT
- Drukknop impuls
- Drukknop OPEN
- Drukknop STOP, loopdeurschakelaar 1
- Noodstop, slappe-koordschakelaar
1Loopdeurcontact alleen als gedwongen scheidend contact.
5.5 Aansluitvoorbeelden commando-
apparaten (klemmenstrip X3)
Drukknop OPEN / STOP / DICHT
6-aderige oplossing
- Drukknop DICHT
- Drukknop OPEN
- Drukknop STOP
Drukknop OPEN / STOP / DICHT
4-aderige oplossing
- Drukknop DICHT
- Drukknop OPEN
- Drukknop STOP
Sleutelschakelaar OPEN/DICHT
- DICHT
- OPEN
Impulsschakelaar
Sequentiële sturing
- Drukknop impuls
Ingebruikname

NL
Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6 – 9
5.6 Aansluiting veiligheidscontactlst
Klemmenstrip X4
Opto-elektronischeveiligheidscontactlst
+
-
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
ws
gr
br
-Veiligheidscontactlst
OPTO
- 24 V DC / 250 mA1
ws: wit
gr: groen
br: bruin
Klemmenstrip X4
Elektrischeveiligheidscontactlst(8,2kΩ)
8k2
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
- Veiligheidscontact-
lst8,2kΩ
- 24 V DC / 250 mA1
1voor externe schakelapparaten
(aansluiting op klemmen 1 en 2)
Klemmenstrip X4
Pneumatischeveiligheidscontactlst(DW)
+
-
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
- Veiligheidscontact-
lstpneumatisch
- 24 V DC / 250 mA1
5.7 Aansluiting fotocel
(werkt in neerwaartse richting)
Klemmenstrip X4
Fotocel NC
+
GND
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
- Passeerfotocel
Klemmenstrip X4
Fotocel NPN 3-draads
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Sig
GND
NPN
+
- Fotocel 3-draads NPN

10 – Deurbesturing CS 300 / Rev.D 5.6
Ingebruikname
5.8 Aansluiting lichtrooster
Klemmenstrip X4
Lichtrooster OSE (Parameter ZELFH. = MOD4)
De verbindingskabel (A) kan vast worden gestoken.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
12
11
10
A
sw
bl
ws
br
br: bruin
bl: blauw
sw: zwart
ws: wit
R: Ontvanger
T: Zender
LET OP:
In deze handleiding worden de RAY-LG-lichtroosters van de
rmaFRABA/CEDESalsvoorbeeldgebruikt.
RAY-LG 25xx OSE
Het RAY-LG 25xx OSE-lichtrooster hoeft niet te worden getest.
Schema's van andere fabrikanten op aanvraag.
5.9 Aansluiting programmeerbare ingangen
De CS 300-besturing beschikt over een programmeerbare
ingang waarvoor verschillende functies kunnen worden
gekozen.
Ô„9.2Gebruiksmodusinvoer“
Klemmenstrip X4
- programmeerbare ingang
5.10 Aansluitschema relaisuitgangen
Erznviermogelkerelaisuitgangendiekunnenworden
geprogrammeerd met verschillende soorten functies.
Ô„9.2Gebruiksmodusinvoer“
Klemmenstrip X5
- Relais 1
- Relais 2
- Relais 3
- Relais 4
1
2
3
4
5
6
7
8
Interne scha-
kelcontacten
van het relais
Hetgaatomvierpotentiaalvrerelaisuitgangenmeteen
maximalebelastbaarheidvan4Ab230V/1~.
Dewerkingswzeisafhankelkvandeparameterinstellingen
voor de beide ingangen in de gebruiksmodus INVOER.
Otros manuales para CS 300
1
Tabla de contenidos
Idiomas:
Otros manuales de Sistema de control de MFZ Ovitor



















